Java

Java in Actie Downloads Help Center

Hulpbronnen

Zoeken in Java Help

Instructies voor het downloaden en installeren van Java Runtime Environment (JRE) voor Solaris 32 bits


Dit artikel is van toepassing op:
  • Platform(s): Solaris SPARC, Solaris x86
  • Browser(s): Netscape 4.7x, Mozilla 1.4+
  • Java-versie(s): 1.4.2_xx

Voordat u JRE gaat installeren, dient u te controleren of alle vereiste patches voor de ondersteuning van deze release zijn geïnstalleerd. Aanbevolen en vereiste patches kunt u downloaden via de SunSolve-website. Zie ook Vereiste lettertypepakketten voor informatie over lettertypepakketten die moeten zijn geïnstalleerd op uw systeem.
Java Virtual Machine testen:

Mogelijk werkt JRE al goed. U kunt de JRE-installatie testen.

Installatie-instructies
JRE v1.4.x wordt geleverd als een zelfuitpakkend binair bestand. Volg de onderstaande instructies voor het installeren van JRE.
Zie ook de volgende gedeelten aan het einde van dit bestand:

Installatie-instructies voor JRE
Installatie-instructies voor Java Web Start
64-bits ondersteuning voor JRE voor platforms met SPARC-processors is beschikbaar in een afzonderlijk downloadbestand. De installatie-instructies voor 64-bits ondersteuning vindt u in een afzonderlijk document.

Opmerking: waar op deze pagina de volgende tekst staat, moet u deze tekst vervangen door het juiste versienummer van de desbetreffende JRE-update:

<versienummer> Als u bijvoorbeeld de update 1.4.2_01 downloadt, moet de opdracht:
chmod +x j2re-1_4_1_03_<versienummer>-solaris-sparc.sh worden gewijzigd in:
chmod +x j2re-1_4_2-solaris-sparc.sh


1. Controleer de grootte van het downloadbestand.
Controleer voordat u het bestand downloadt de bestandsgrootte die wordt vermeld op de downloadpagina.
Controleer wanneer het downloaden is voltooid of u het volledige, originele bestand met dezelfde bestandsgrootte hebt gedownload. 2. Controleer of er bevoegdheden voor het uitvoeren zijn ingesteld voor het zelfuitpakkende binaire bestand:

Voor SPARC-processors:
chmod +x j2re-1_4_2_<versienummer>-solaris-sparc.sh

Voor x86-processors:
chmod +x j2re-1_4_2_<versienummer>-solaris-i586.sh
3. Ga naar de map waarin u de bestanden wilt installeren. 4. Voer het zelfuitpakkende bestand uit.

De map j2re1.4.2_<versienummer> wordt in de huidige map gemaakt.
Opmerking over de systeemvoorkeuren: de externe opslag voor de systeemvoorkeuren wordt standaard in de installatiemap van Java 2 SDK gemaakt door het installatiescript. Als de SDK op een netwerkstation is geïnstalleerd, kunt u de SDK en de systeemvoorkeuren exporteren, zodat deze kunnen worden gedeeld met Runtime Environments op andere computers. Een andere mogelijkheid is dat root-gebruikers het installatiescript uitvoeren met de optie -localinstall, zoals in het volgende voorbeeld:

j2re-1_4_2_<versienummer>-solaris-i586.sh -localinstall
Met deze optie worden de systeemvoorkeuren opgeslagen in de map /etc. Vanuit deze map kunnen ze alleen worden gedeeld met een virtuele machine die wordt uitgevoerd op de lokale computer. De optie -localinstall werkt alleen als u bent aangemeld als root-gebruiker. Zie de documentatie over de
Preferences API voor meer informatie over voorkeuren op het Java-platform.
Installatie-instructies voor JRE Zie de instructies voor de installatie van de Java Plug-in in de installatie-instructies voor Java 2 SDK, Standard Edition.

Installatie-instructies voor Java Web Start
JRE 1.4.x bevat de Java Web Start-software.

In de hoofdmap vindt u een ZIP-bestand met de naam javaws-1_2_0_<versienummer>-solaris-sparc-i.zip op SPARC-platforms en javaws-1_2_0_<versienummer>-solaris-i586-i.zip op x86-platforms.
De tekst <versienummer> verwijst naar het huidige versienummer van Web Start. Verplaats dit bestand naar een locatie waarop u de Web Start-software wilt installeren (bij voorkeur buiten de JRE-installatie). Pak het ZIP-bestand uit. Een van de bestanden die worden geëxtraheerd is install.sh.

Voer dit script uit om de Web Start-software te installeren.

Locatie van de libjvm.so-bestanden
Als u de Invocation API gebruikt om een toepassing direct te starten en niet het startprogramma voor Java-toepassingen gebruikt, is het belangrijk dat u de juiste paden gebruikt om Java HotSpot Client Virtual Machine of Java HotSpot Server Virtual Machine aan te roepen.

Het pad binnen de SDK naar Client Virtual Machine is:

jre/lib/sparc/client/libjvm.so (voor SPARC-processors)
jre/lib/i386/client/libjvm.so (voor x86-processors)

Het pad naar Server Virtual Machine is:

jre/lib/sparc/server/libjvm.so (voor SPARC-processors)
jre/lib/i386/server/libjvm.so (voor x86-processors)
Exact VM en Classic VM maken geen deel meer uit van het softwareplatform. Oudere code waarin de Invocation API wordt gebruikt om een toepassing te starten op basis van oude paden naar Exact VM of Classic VM werkt niet. Raadpleeg de installatie-instructies voor Solaris op Java.sun.com voor meer installatie-informatie voor Solaris.

Taal kiezen | Newsletter | Info over Java-technologie | Partner with Us
Privacy | Voorwaarden voor gebruik | Handelsmerken | Licentie | Afwijzing van aansprakelijkheid

Sun Microsystems